Verenigde Maakindustrie Oost
Hengelosestraat 585
7521 AG Enschede
T (053) 484 98 50
F (053) 484 98 54
E info@vmo.nl
Hengelosestraat 585
7521 AG Enschede
T (053) 484 98 50
F (053) 484 98 54
E info@vmo.nl
Nieuwsarchief
Herstel industrie verliest vaart - 06-09-2010
Terug naar overzicht
6% productiegroei over heel 2010
In de eerste helft van 2010 is de activiteit in Nederlandse fabrieken opgeleefd. Met de buitenlandse vraag en voorraadopbouw als groeimotoren, zijn omzet en productie fors hoger uitgekomen dan een jaar geleden. Terwijl veel laatcyclische industriebedrijven nog maar net de groei in het vizier hebben, krijgen steeds meer vroegcyclische producenten met een haperende vraag te maken. Zwakke binnenlandse bestedingen en een minder uitbundige export- en voorraadgroei zullen de productiegroei temperen. ING Economisch Bureau verwacht 6% productiegroei over heel 2010 en 2% in 2011.
• 15% omzetgroei in eerste helft 2010
Door de grotere vraag naar Nederlands fabricaat maken industriebedrijven dit jaar een inhaalslag. In de eerste helft van 2010 hebben zij gemiddeld 7% meer geproduceerd en zelfs 15% meer omzet gerealiseerd dan in dezelfde periode een jaar geleden. Door wereldwijde overheidsstimulering en groei in opkomende markten is de buitenlandse omzet bijna twee keer zo snel gegroeid als de binnenlandse omzet. Desondanks liggen de inkomsten nog altijd 13% lager dan voor de crisis.
• Winstmarges en internationale concurrentiepositie verbeteren
In de tweede helft van het jaar zorgen de ingeperkte personeelsbezetting en een gematigde loonstijging bij een groeiende afzet, voor een stijgende productiviteit en lagere loonkosten per product. Internationaal gezien ontwikkelt het kostenniveau van de Nederlandse goederen zich in positieve zin. Nu ook grondstofprijzen zich gematigder ontwikkelen, is er ruimte voor hogere winstmarges bij concurrerende afzetprijzen.
• Industrietakken in uiteenlopende fases van herstel
Terwijl sommige industrietakken al een forse groei hebben doorgemaakt staan andere nog aan het begin van het herstel. Vroegcyclische industrietakken – zoals de aardolie-, basischemie-, basismetaal- en halfgeleiderindustrie – zien al een duidelijke groeivertraging, doordat voorraden de gewenste niveaus hebben bereikt. Daarentegen voeren fabrikanten en van investeringsgoederen en hun toeleveranciers de productie nu juist wat op. De overcapaciteit bij bedrijven zal de groei van de binnenlandse investeringsvraag voorlopig echter nog afremmen.
• Sterke groei zwakt af tot 2% in 2011
Het wegvallen van overheidsstimulering zal de groei van de wereldeconomie in de tweede helft van dit jaar een paar tandjes doen terugschakelen. In combinatie met minder voorraadvraag zal dit de groei van de Nederlandse industrie vertragen. De binnenlandse vraag biedt slechts beperkt tegenwicht. Bedrijven en consumenten blijven behoudend spenderen en investeren. Zolang deze ‘eindvraag’ zwak blijft, zal de industriële orderstroom langzamer aanzwellen en zwakt de productiegroei af tot 2% in 2011.
ING - Sterke groei industrie zwakt af.pdf
In de eerste helft van 2010 is de activiteit in Nederlandse fabrieken opgeleefd. Met de buitenlandse vraag en voorraadopbouw als groeimotoren, zijn omzet en productie fors hoger uitgekomen dan een jaar geleden. Terwijl veel laatcyclische industriebedrijven nog maar net de groei in het vizier hebben, krijgen steeds meer vroegcyclische producenten met een haperende vraag te maken. Zwakke binnenlandse bestedingen en een minder uitbundige export- en voorraadgroei zullen de productiegroei temperen. ING Economisch Bureau verwacht 6% productiegroei over heel 2010 en 2% in 2011.
• 15% omzetgroei in eerste helft 2010
Door de grotere vraag naar Nederlands fabricaat maken industriebedrijven dit jaar een inhaalslag. In de eerste helft van 2010 hebben zij gemiddeld 7% meer geproduceerd en zelfs 15% meer omzet gerealiseerd dan in dezelfde periode een jaar geleden. Door wereldwijde overheidsstimulering en groei in opkomende markten is de buitenlandse omzet bijna twee keer zo snel gegroeid als de binnenlandse omzet. Desondanks liggen de inkomsten nog altijd 13% lager dan voor de crisis.
• Winstmarges en internationale concurrentiepositie verbeteren
In de tweede helft van het jaar zorgen de ingeperkte personeelsbezetting en een gematigde loonstijging bij een groeiende afzet, voor een stijgende productiviteit en lagere loonkosten per product. Internationaal gezien ontwikkelt het kostenniveau van de Nederlandse goederen zich in positieve zin. Nu ook grondstofprijzen zich gematigder ontwikkelen, is er ruimte voor hogere winstmarges bij concurrerende afzetprijzen.
• Industrietakken in uiteenlopende fases van herstel
Terwijl sommige industrietakken al een forse groei hebben doorgemaakt staan andere nog aan het begin van het herstel. Vroegcyclische industrietakken – zoals de aardolie-, basischemie-, basismetaal- en halfgeleiderindustrie – zien al een duidelijke groeivertraging, doordat voorraden de gewenste niveaus hebben bereikt. Daarentegen voeren fabrikanten en van investeringsgoederen en hun toeleveranciers de productie nu juist wat op. De overcapaciteit bij bedrijven zal de groei van de binnenlandse investeringsvraag voorlopig echter nog afremmen.
• Sterke groei zwakt af tot 2% in 2011
Het wegvallen van overheidsstimulering zal de groei van de wereldeconomie in de tweede helft van dit jaar een paar tandjes doen terugschakelen. In combinatie met minder voorraadvraag zal dit de groei van de Nederlandse industrie vertragen. De binnenlandse vraag biedt slechts beperkt tegenwicht. Bedrijven en consumenten blijven behoudend spenderen en investeren. Zolang deze ‘eindvraag’ zwak blijft, zal de industriële orderstroom langzamer aanzwellen en zwakt de productiegroei af tot 2% in 2011.
ING - Sterke groei industrie zwakt af.pdf
Terug naar overzicht