Verenigde Maakindustrie Oost
Hengelosestraat 585
7521 AG Enschede
T (053) 484 98 50
F (053) 484 98 54
E info@vmo.nl
Hengelosestraat 585
7521 AG Enschede
T (053) 484 98 50
F (053) 484 98 54
E info@vmo.nl
Nieuwsarchief
ING publiceert bezuinigingsrichtsnoer - 31-03-2010
Morgen zullen naar verwachting de twintig ambtelijke werkgroepen die het kabinet heeft ingesteld om een besparing te zoeken binnen de overheidsuitgaven van structureel 20 procent verslag doen van hun bevindingen. Deze uitkomsten zullen een belangrijke rol spelen bij het zoeken naar mogelijkheden om het begrotingstekort te verkleinen.
In bijgevoegde Dutch Economic Outlook wordt vanuit een economische invalshoek een leidraad geboden voor de mogelijke invulling van het benodigde bezuinigingspakket.
Hoofdpunten van deze leidraad zijn:
ING gaat er vanuit dat er zich in de tweede helft van 2010 een wat beter koopklimaat ontwikkelt. De huizenmarkt zou dan kunnen stabiliseren en de detailhandelsverkopen aantrekken. Niettemin blijft dit herstel erg kwetsbaar.
Tegen deze achtergrond moeten er belangrijke keuzes worden gemaakt over de wijze waarop de overheidsfinanciën weer in het gareel kunnen worden gebracht. De manier waarop dit zal gebeuren heeft niet alleen invloed op de economische ontwikkeling op korte termijn maar zal ook bepalen of de Nederlandse economie in 2025 nog steeds tot de sterkste ter wereld zal behoren.
Economisch gezien gaat de voorkeur uit naar beperking van de uitgaven boven het verhogen van de belastingen.
Binnen de uitgaven is bezuiniging op infrastructuur en onderwijs schadelijker voor de economie dan bezuinigingen in de sfeer van de sociale zekerheid en het overheidsbestuur. Bij bezuiniging op infrastructuur worden nagenoeg alle sectoren binnen de Nederlandse economie negatief geraakt. Dit omdat naast een negatief bestedingseffect voor de direct betrokken sector zelf, ook de bereikbaarheid van alle andere sectoren negatief wordt beïnvloed. Bezuinigingen op onderwijs pakken in het bijzonder nadelig uit voor kennisintensieve sectoren zoals de industrie en de zakelijke dienstverlening.
Binnen de belastingen brengt een verhoging van de loon- en winstbelasting de economie ook meer schade toe dan een verhoging van de btw, accijnzen of de ozb. Een hogere winstbelasting werkt negatief uit op alle sectoren maar treft in het bijzonder bedrijven actief in de industrie en transport.
Een hogere loonbelasting en belastingen op consumptie worden via een verminderde koopkracht direct gevoeld door de detailhandel en de horeca. Verhoging van de ozb heeft in sectoren met omvangrijke huisvestingsbehoeften zoals groothandel, detailhandel, industrie en horeca een iets negatievere impact dan in de overige sectoren, maar treft het bedrijfsleven niettemin in de volle breedte.
ING Dutch Economic Outlook - maart 2010.pdf
Terug naar overzicht
Morgen zullen naar verwachting de twintig ambtelijke werkgroepen die het kabinet heeft ingesteld om een besparing te zoeken binnen de overheidsuitgaven van structureel 20 procent verslag doen van hun bevindingen. Deze uitkomsten zullen een belangrijke rol spelen bij het zoeken naar mogelijkheden om het begrotingstekort te verkleinen.
In bijgevoegde Dutch Economic Outlook wordt vanuit een economische invalshoek een leidraad geboden voor de mogelijke invulling van het benodigde bezuinigingspakket.
Hoofdpunten van deze leidraad zijn:
ING gaat er vanuit dat er zich in de tweede helft van 2010 een wat beter koopklimaat ontwikkelt. De huizenmarkt zou dan kunnen stabiliseren en de detailhandelsverkopen aantrekken. Niettemin blijft dit herstel erg kwetsbaar.
Tegen deze achtergrond moeten er belangrijke keuzes worden gemaakt over de wijze waarop de overheidsfinanciën weer in het gareel kunnen worden gebracht. De manier waarop dit zal gebeuren heeft niet alleen invloed op de economische ontwikkeling op korte termijn maar zal ook bepalen of de Nederlandse economie in 2025 nog steeds tot de sterkste ter wereld zal behoren.
Economisch gezien gaat de voorkeur uit naar beperking van de uitgaven boven het verhogen van de belastingen.
Binnen de uitgaven is bezuiniging op infrastructuur en onderwijs schadelijker voor de economie dan bezuinigingen in de sfeer van de sociale zekerheid en het overheidsbestuur. Bij bezuiniging op infrastructuur worden nagenoeg alle sectoren binnen de Nederlandse economie negatief geraakt. Dit omdat naast een negatief bestedingseffect voor de direct betrokken sector zelf, ook de bereikbaarheid van alle andere sectoren negatief wordt beïnvloed. Bezuinigingen op onderwijs pakken in het bijzonder nadelig uit voor kennisintensieve sectoren zoals de industrie en de zakelijke dienstverlening.
Binnen de belastingen brengt een verhoging van de loon- en winstbelasting de economie ook meer schade toe dan een verhoging van de btw, accijnzen of de ozb. Een hogere winstbelasting werkt negatief uit op alle sectoren maar treft in het bijzonder bedrijven actief in de industrie en transport.
Een hogere loonbelasting en belastingen op consumptie worden via een verminderde koopkracht direct gevoeld door de detailhandel en de horeca. Verhoging van de ozb heeft in sectoren met omvangrijke huisvestingsbehoeften zoals groothandel, detailhandel, industrie en horeca een iets negatievere impact dan in de overige sectoren, maar treft het bedrijfsleven niettemin in de volle breedte.
ING Dutch Economic Outlook - maart 2010.pdf
Terug naar overzicht